TPOok!

 
Interview

Vlaamse Annelies Verbeke nieuwe vrije schrijver Vrije Universiteit

‘Moed en durf aanscherpen, net als kalmte en vertrouwen’

De Vlaamse Annelies Verbeke wordt de nieuwe vrije schrijver aan de Vrije Universiteit. Connected World wordt het thema waarmee de veelvuldig prijswinnende auteur een jaar gaat werken. Ze volgt daarmee Bas Heijne op, die afgelopen jaar het onbehagen onderzocht aan de hand van de idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap en daarmee met studenten aan de slag ging met colleges en veel meer activiteiten.

Afscheid Bas Heijne

Met de subsidiebijdrage ‘vrije schrijver’ wil de VU-vereniging het bewust nadenken over de maatschappelijke rol en impact van de kennis die bij VU en VUmc wordt ontwikkeld, stimuleren en daar actief betekenis aan geven, zegt bestuurslid Wieneke Groot. “Juist omdat we geloven dat wetenschappelijk onderzoek, onderwijs en zorg actief kunnen bijdragen aan een betere samenleving.”

Heijne nam onlangs met een klaterend applaus in de Westerkerk in de Jordaan afscheid van zijn jaar als vrije schrijver aan de VU.

Hij deed dat met een betoog over Vrijheid, gelijkheid en broederschap dat hier is te downloaden tot 31 december 2018. Heijne betoogde dat die waarden onder grote druk staan, sinds de ont-ideologisering vanaf de jaren tachtig, negentig. Daarmee staan de idealen van de Verlichting op de tocht, constateert hij, de mens is geen autonoom wezen meer. Maar dat betekent niet dat we de idealen als vrijheid, gelijkheid en broederschap moeten opgeven. En Heijne tekent daarbij aan dat die idealen vroeger ook aan grote groepen werd onthouden. We hebben volgens hem een verhaal nodig om ons verbonden te voelen. En ‘ons bewust zijn van de pijn van anderen en dat is het moeilijkste wat er is’, citeert hij de Schotse auteur Pat Barker.

Misschien betekent dat laatste ook een steven naar emotionele zuivering, een rode draad in het laatste boek Hallelujah! van Annelies Verbeke, de opvolger van Bas Heijne als Vrije Schrijver.

Onbehagen

Wat vond u van het essay van Bas Heijne? Levert het inzichten voor uw periode als Vrije Schrijver?

“Ik was erbij toen hij het voorlas, en werd naderhand toch even ontroerd door de studente die er rustig en zelfverzekerd een boodschap van hoop tegenover zette. Hoop die Heijne zelf ook toelaat op de laatste bladzijden, besefte ik bij het herlezen van Vrijheid gelijkheid broederschap naderhand. En ik vond het ook goed dat er even ingegaan werd op dat de waarden van de verlichting in het verleden toch heel selectief werden toegepast, als een Westerse uitvinding, waarvan sommigen konden worden uitgesloten of op hardhandige wijze ingezet. Daar gaat Heijne, die het wel even vermeldt, mijns inziens wat te licht over.

‘Verlangen naar verlossing, catharsis, om daarna opnieuw te kunnen beginnen’

“Maar ik kan me heel goed vinden in het grootste deel van zijn beschrijving van het huidige klimaat, en denk dan ook dat er raakpunten zullen te vinden zijn in de uitwerking van mijn eigen plannen aan de VU. ‘Onbehagen’ is ook een uitstekend woord om samen te vatten  wat ons mensen in toenemende mate besluipt. Ik denk dat ik niet de enige ben die dat herkent.”

Heeft hij de wereld geschetst die zo goed bij uw laatste boek past, een vreemde wereld met personages die wachten op verlossing die maar mondjesmaat komt als die komt?

“Het is niet zo voor de hand liggend om zelfde thema’s te vinden in mijn verhalenbundel Halleluja en Heijne’s essay. Maar het gevoel van onbehagen zit zeker in de bundel. De personages verlangen naar verlossing, catharsis, om daarna opnieuw te kunnen beginnen. Zoals elk boek werd het ingegeven door het overheersende gevoel in mezelf tijdens het schrijven, maar ik sta niet los – zoals Heijne ook meermaals beklemtoond – van de wereld. Die totale autonomie is een illusie. Maar als je er iets mee maakt, zoals auteurs en kunstenaars doen – verwerf je toch een zekere mate van vrijheid. Ook al schrijf je over een vermoeidheid en verlies van vertrouwen die niet alleen jou treffen.

“Ook mijn verhalenbundel Veronderstellingenhangt met enkele van zijn inzichten samen. Hoe we gevangen zitten in de ficties die we van de werkelijkheid maken. Mijn roman Dertig dagen was dan weer een erkennen van het bestaan van goedheid, tegen het oprukkende beeld van de mens als wolf van de mens in, al blijft degene die zich voor de ander wil blijven inzetten en het goede nastreeft even kwetsbaar, even vatbaar voor vernieling.

“Toch denk ik dat het toneelstuk Daar gaan we weer (White male privilege) dat ik samen met Wunderbaum maakte en nu tourt thematisch nog nauwer bij veel van zijn bevindingen aansluit, en tegelijk levert het er ook een commentaar op, net in het zichtbaar maken van de selectiviteit waarover ik het net had.”

Het thema Connected World

Wat vraagt u zich af, wat wilt u weten over het thema Connected World, hoe past het onderwerp bij uw persoon, als kunstenaar en als mens?

“Het onderwerp houdt me al jaren bezig, zowel in werk als leven – die twee zijn ook sterk vervlochten.  Het meest waardevolle tijdens  mijn opgroeien vond ik dat het gebeurde in onderling verschillende sociale en levensbeschouwelijke milieus. Het is goed te leren dat mensen op verschillende manieren kunnen leven, en tegelijk toch ook zaken delen. Als volwassene kwamen daar de reizen bij, steeds vaker door mijn literaire activiteiten. Ik maakte vrienden over de landsgrenzen, eerst voornamelijk in Europa, daarna daarbuiten. Mijn man is van Senegalese origine. Ik blijf het universele, het inzicht dat je je verbonden kunt voelen met mensen op alle plekken op deze planeet, hoogst belangrijk vinden. Ik heb het de laatste jaren als een schok ervaren dat dat voor heel veel mensen, ook mensen in mijn onmiddellijke omgeving, niet zo is. Dat er sterke onenigheid is over wat ik als fundamentele menselijke waarden beschouwde.

“Tegelijk zijn er natuurlijk veel tegenstrijdigheden. De sociale media, een manier van mensen over de hele wereld snel met elkaar te verbinden, lijken ons net van elkaar te vervreemden, onze woede en eenzaamheid te vergroten. Ik moet ook mezelf kritisch in de gaten houden op dat gebied, begrijp ik steeds beter. Ik wil hier graag over praten met de studenten. Ze zijn ongeveer half zo oud als ik. Denken ze er anders over? Wat zijn hun ervaringen?

“Niet alleen sociale media sturen ons. Ook op het gebied van de literatuur die we lezen gebeurt het. Ik heb de laatste jaren vaak stilgestaan bij de overmacht van de Amerikaanse literatuur. Het is toch frappant dat veel mensen in Nederland en Vlaanderen meer Amerikanen lezen dan Europese schrijvers, of schrijvers uit hun eigen land, laat staan uit andere continenten. Een ontmoeting met een redacteur van een grote Amerikaanse uitgeverij deed me inzien dat economische overmacht en intellectuele overmacht wel heel makkelijk als een en hetzelfde worden gezien. Het was goed als Europeaan met die arrogantie te worden geconfronteerd. Het doet je ook stilstaan bij de Europese, Westerse houding tegenover de culturele productie in Afrika of Azië, bijvoorbeeld.”

‘Frappant dat veel mensen in Nederland meer Amerikanen lezen dan Europese schrijvers’

“In wat ik lees en kijk en luister probeer ik die sturing (met wisselend succes) van me af te werpen, en ik wil de studenten er ook graag bewuster van maken. Ik droom van een bloemlezing van korte verhalen die geschreven zijn in alle landen waar studenten en personeel van de VU hun wortels hebben.  De zoektocht daarnaar lijkt me onthullend – Wat is in het Nederlands vertaald? Welk deel van de wereld krijgen we tot ons en welk niet? Wat is de rol van vertalers daarin? Met wie zijn we verbonden en met wie is de lijn verbroken? En hoe komt dat?

“De status van het Engels, ook aan universiteiten, houdt me bezig. Waarom wordt me gevraagd over een ‘connected world’ en niet over een ‘verbonden wereld’ na te denken. Die vanzelfsprekendheid mag wat mij betreft bevraagd worden. En ik hoed me voor de kleine, nationalistische associaties die dat bevragen oproept. Het is niet zo dat ik de voordelen van het Engels niet zie. Ik heb Engels gestudeerd. Ik lees en spreek de taal zelf vaak, zowel in professionele contexten als met dierbare anderstalige vrienden, en het is natuurlijk uitstekend een lingua franca te kunnen hanteren. Het Engels zorgt ook voor inclusie; in een universiteit kunnen buitenlandse studenten gemakkelijker betrokken worden, inzichten kunnen gemakkelijker worden gedeeld over landsgrenzen heen, er kan meer samen worden gedacht en uitgewisseld. Maar tegelijk wordt een kleine taal als het Nederlands verstoten. Dat eeuwige misprijzen voor de kleintjes stuit me tegen de borst. Als je het zo bekijkt is het verengelsen net een inbreuk op de diversiteit.

“Verbondenheid – tussen mensen en over landsgrenzen, de mogelijkheden en de hindernissen erbij – komt in veel van mijn werk aan bod. Niet het minst in het toneelstuk Daar gaan we weer (White male privilege), dat ik met Wunderbaum maakte en dat sinds kort aan het touren is door Nederland en België. Het is een soort zoo humain met witte, links-liberale hoogopgeleiden, die zich trachten te positioneren in debatten omtrent racisme en seksisme.”

Een boeiende reis buiten de geijkte paden

Wat hoopt u te veranderen?

‘Ik denk ook dat vriendschap, plezier en vertrouwen sleutelwoorden zijn’

“Ik hoop vooral dat ik met de studenten een boeiende reis buiten de geijkte paden kan maken, samen te ontdekken hoe wij gestuurd worden, maar ook dat er meer bestaat dan wat via die algemene sturing tot ons komt. Ik wil hen laten zien dat er op het gebied van literatuur alleen al een enorme, diverse rijkdom aan te boren valt. En dat de individuele vrijheid tot op zekere hoogte natuurlijk een illusie is, maar dat we toch vrijer kunnen kiezen dan we soms denken. Dat we daar op zijn minst naar moeten streven. Samen een bloemlezing maken is misschien moeilijker dan wat ik nu voor ogen heb, maar het lijkt me heerlijk, zo’n gezamenlijk project aan een universiteit, waarbij we samen over lands- en continentsgrenzen stappen. En ik wil het internet daarbij op een positieve manier inzetten.”

Wat doen we nu wel goed als het om het thema Connected World gaat?

“Er is heel veel van overal voorhanden. Het gaat er vaak om het te leren zien. Ik vind het ook mooi hoe emancipatorische bewegingen makkelijk wereldwijde vertakkingen krijgen.”

Deze thema’s moeten natuurlijk binnen een ‘vrijdenkplaats’ als een universiteit besproken worden. Maar hoe kun je het grote publiek van deze inzichten overtuigen?

“Door aan die universiteiten mensen te leren denken. Door durf en moed aan te scherpen, net als kalmte en rede. En ik denk ook dat vriendschap, plezier en vertrouwen sleutelwoorden zijn, hoe melig of démodé ze sommigen ook in de oren zullen klinken.”

Titelfoto: Alex Salinas

Portret

Annelies Verbeke (België, 1976) studeerde Nederlandse en Engelse Taal- en Letterkunde aan de universiteit van Gent en volgde een opleiding scenarioschrijven aan het Rits in Brussel. Ze schreef de romans Slaap! (2003), Reus (2006), Vissen Redden (2009) en Dertig Dagen (2015), de verhalenbundels Groener Gras (2007), Veronderstellingen (2012) en Halleluja (2017) en de journalistieke bundel Wakker (2011, met fotograaf Charlie De Keersmaecker), alle verschenen bij uitgeverij De Geus. In 2013 verscheen bij uitgeverij De Bezige Bij Antwerpen haar Tirol Inferno, een ‘graphic novella’ in jambische pentameters en rijm, met tekeningen van Klaas Verplancke. Verbekes werk verschijnt in 24 talen, waardoor ze vaak optreedt in het buitenland.

Uit liefde voor het korte verhaal, stelde ze met Sanneke van Hassel de bloemlezing Naar de stad (2012) samen. Maandelijks bespreekt ze ook een vertaalde verhalenbundel op Literatuurplein.nl.

Film en toneel

Verbeke schreef filmscenario’s (zo was ze de co-scenarist van de film Swooni (2010) van Kaat Beels) en toneelstukken voor Belgische en Nederlandse gezelschappen: ‘Liefde bij wijze van spreken’ (met Yves Petry) als onderdeel van Stukken voor TgStan, Almschi! The Best of Alma Mahler voor SKaGeN en het Octopus Solistenkoor. Voor Wunderbaum schreef ze de stukken Rail Gourmet (dat in 2010 werd geselecteerd voor het Theaterfestival), Flow my tears (met Veenfabriek) en een stuk voor de eenmalige voorstelling In bed with mozart (Operadagen Rotterdam). Verder schreef Verbeke ook de tekst voor Onvoltooid landschap, een oratorium gecomponeerd door Maarten van Ingelgem. Momenteel tourt het theaterstuk Daar gaan we weer (White male privilege) dat ze ook met Wunderbaum maakte en dat tot dusver zeer lovend werd ontvangen, door Nederland en België.

Met Slaap! won Verbeke de Vlaamse Debuutprijs, de Vrouw en Cultuur Debuutprijs en het Gouden Ezelsoor, met Vissen Redden de Prijs voor de Letteren van de Provincie Oost-Vlaanderen, met Dertig Dagen de F.Bordewijkprijs, de NRC Handelsblad Lezersprijs en de Opzij Literatuurprijs, en het boek stond op de shortlist voor de ECI Literatuurprijs. Haar nieuwe verhalenbundel Halleluja stond eveneens op de shortlist van de ECI Literatuurprijs en won de Cutting Edge Award en de J.M.A. Biesheuvelprijs voor de beste verhalenbundel van het jaar.

Van 2010 tot 2016 zetelde Verbeke in het bestuur van PEN Vlaanderen en sinds 2017 zetelt ze in de KANTL (Koninklijke Nederlandse Academie voor Taal- en Letterkunde). Ook zit ze in de redactie van Terras, tijdschrift voor internationale kunst en literatuur. Meer informatie over het werk van Annelies Verbeke via haar website: www.anneliesverbeke.be

   

Steun direct Simon Trommel

Doe een rechtstreekse donatie aan deze auteur en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken: (Dit stuurt je naar een betalingspagina)
Heb je vragen over TPO en donaties? Mail naar [email protected]Bitcoins doneren? Kijk hier voor meer informatie
 
 
Toon / Verberg Reacties  
 
Sinds september 2017 moet je ingelogd zijn op Facebook om hieronder meer dan de standaard aantal reacties te laden.
Het gaat hier helaas om een verandering die Facebook zelf heeft doorgevoerd.
Maar je kunt ook reageren via Disqus.
Als iedereen slaapt, zijn wij wakker.